Logo van Het Maalboek
<< krimpen [urenoverzicht] [28-05-2005] [startpagina] ruimen >>

 tijd 3 uur
 molen De Groote Polder
 wie Gerda Koster
 wat Praktijk
 weer ZW-W 2-3
 werk Kruien, vangen, op- en afzeilen, theorie standerdmolen.


De jongste molenaars die we ooit hebben gehad zaten dit weekend op ons linker voeghout: de kinderen van Remy. Ik heb er een fotootje van gemaakt, als is-ie niet helemaal scherp geworden. Normaliter zouden ze niet in de molen zijn geweest, maar op les. Helaas, de les ging onverwacht niet door en dus moesten ze even wachten tot hun moeder hen af kwam halen. Nou ja, nu ze er toch waren .. mogen we even in de molen kijken? Maar natuurlijk - ze mochten zelfs even in de kap. Ze keken hun ogen uit en stelden de ene vraag na de andere. Wie weet worden ze later ook wel molenaar en spreken we later respectvol over "de tweede generatie Strijbosch-molenaars"..

Het was al vroeg bijna tropisch warm, al stond er wel een fikse bries uit het lauwe zuidwesten, die geleidelijk aan ruimde naar het westen. Maar voor we van die wind gebruikt maakten wilde Gerrit graag nog een klusje opknappen: het markeren van de windbordern. Op de GP hebben we al sinds mensenheugenis markeringen op de steekborden en de andere windborden: elk end heeft een nummertje, wat middels ingekerfde strepen zowel op de klampen staat aangegeven als op de steek- en windborden. Elk steekbord is precies op maat gemaakt voor het end waar hij bij hoort. Als je de steekborden aanbrengt moet je dus goed kijken welke je in welk end steekt. Normaliter staat bij ons na het afzeilen 'endje nummer 3' beneden en dus begin je altijd met windbord 3 in te zetten. Maar de windborden staan binnen in de molen.. ga jij dan maar eens, komend uit het felle zonlicht, in dat schemerdonker staan uitvlooien wat nu windbord 3 is. En tot overmaat van ramp zijn die drie streepjes die er ergen in staan gekerfd in de loop van de jaren opgevuld geraakt met verf - dezelfde kleur als het windbord ook nog. De oude markeringen stonden ook niet altijd op dezelfde plaats: soms onderaan, soms bovenaan. Afijn, al met al was het iedere keer een heel gezoek om die dingen goed geplaatst te krijgen.

Gerrit had een viertal sjablonen meegenomen - de goede man is werkelijk van alle markten thuis - en een busje verf. Bij het opzeilen markeerden we het onderste windbord en het bijbehorende steekbord, uiteraard met contrasterende verf, waarmee we onze steekborden effectief van hun "identiteitscrisis" afhielpen. Nu kun je op afstand al zien welk steekbord in welk end hoort.

Het krooien kwam moeizaam op gang: met dat warme weer lijkt de reuzel van de kruiring af te zijn verdampt en hij zat behoorlijk "in t nust". Zo zeer zelfs dat Remy het er in eerste instantie niet op aandurfde de lier door te draaien. Maar uiteindelijk dan toch maar doorgezet en het lukte. Maar goed dat we net een nieuwe lange spruit hebben, de oude zou dit geweld wel eens niet doorstaan kunnen hebben. Warm weer: extra goed smeren!

Remy en ik hadden nog enige discussie over de zeilvoering: ik meende dat het met 4 halfjes wel rond moest komen, Remy dacht dat het toch wel vier vollen moesten zijn - en hij bleek gelijk te hebbben. Je verkijkt je met dat warme weer altijd op de windsnelheid: de luchtmoleculen zijn volop in beweging als het warm is en dus is de afstand tussen deze moleculen groter dan bij kouder weer. Daardoor duwen er minder moleculen per vierkante meter tegen het gevlucht en dus moet het ofwel harder waaien, of moet je meer zeil voeren.

Maar het kwam rond. We dronken koffie en Gerda deelde posters uit van het Groninger Molenweekend (12-13 juni 2005). Overigens toont die poster ook het logo van de nieuwe Stichting "Het Groninger Molenhuis" - ik mag de stichting feliciteren met dit fraaie design! Tijdens de koffie behandelden we nogmaals de theorie van de standerdmolen en bespraken we onder meer de binnenvangstok, de evenaar en de trommelvang.

Het polderpeil staat de laatste weken wat hoger en toen de molen eenmaal wat op gang kwam werd zelfs de maalgang af en toe nat. 's Middags, toen de tweede groep les had op de GP, was de wind een stuk harder gaan waaien en maakte de molen bij 70-80 endjes voor het eerst in lange tijd zoveel water dat de wachtdeur wat water doorliet. Toch is zelfs dit hoge peil niet voldoende om echt goed te kunnen malen, maar het is desalniettemin een feest om de molen water te horen en zien slaan.

Het was ondanks de hoge temperatuur goed vol te houden op de molen, maar we stopten toch wat eerder dan normaal: met dat warme weer moesten er nog wat barbeboodschappen worden gedaan...

Volgende week is het 4 juni en doet onze Peter proefexamen. Wij duimen en hopen dat hij er door komt. Peter, mien jong: hol kop der veur en bainen der onder!